:: ARTIKELS ::
DVDInfo.be >> Artikel >> Achtergrond >> STAR WARS EPISODE I: THE PHANTOM MENACE
STAR WARS EPISODE I: THE PHANTOM MENACE
Type: Achtergrond - Datum: 2001-09-26 - Geplaatst door: Jo
De grote teleurstelling

Toen George Lucas op 19 mei 1999 Star Wars Episode I: The Phantom Menace op het grote publiek losliet was het lange wachten eindelijk voorbij. Jarenlang hadden echte fans over de legendarische prequels gefantaseerd en na een heel intense mediacampagne was het dan eindelijk zo ver. De schok was dan ook groot toen bleek dat de film voor velen niet het meesterwerk was geworden die ze hadden verhoopt; dat het niet de epische opener van een nieuw drieluik was, maar een eerder ingewikkelde en tegelijkertijd ook vaak kinderachtige film. Net zoals George Lucas het had gepland. Intussen zijn we in het legendarische jaar 2001 beland en besloot Lucas na heel wat aarzelen dan toch zijn massaal leger volgelingen een klein DVD-tussendoortje te geven vooraleer met het grote geschut van Episode II mei 2002 te overheersen. Hoog tijd voor een terugblik dus.

Sinds de originele Star Wars in 1977 de wereld verbaasde is het filmlandschap nooit meer hetzelfde geweest. Want wat Star Wars haters ook mogen beweren, de space opera van George Lucas heeft wel degelijk zijn lange schaduw geworpen op de manier waarop er in Hollywood met film wordt omgesprongen. En dat zowel op marketing als op technisch gebied. Alleen is de vraag heel terecht of dat wel allemaal zo positief is. Van George Lucas en diens goede vriend Steven Spielberg wordt vaak beweerd dat ze de uitvinders zijn van het fenomeen blockbusterfilm; de films waarvoor mensen reeds in het openingsweekend urenlang voor in de rij staan aan te schuiven, soms blokken ver. Het soort film waar critici van tegenwoordig zo bang voor zijn. Steven Spielberg had in 1975 reeds de kassa's gekraakt met zijn meesterwerk Jaws en nu kwam Lucas met zijn bewerking van het klassieke goed-tegen-kwaad verhaal. En het publiek hield ervan. Nu staat Star Wars gelijk met marketing (naar verluidt wordt Lucas' bedrijf LucasFilm als succesvoorbeeld gebruikt in marketingcursussen in de Verenigde Staten), maar toen de film in 1977 uitkwam waren er bijna geen bijhorende poppetjes of wat dan ook te vinden. Die kwamen pas toen de film al volop in roulatie was. Van een overhypte film was toen dus nog geen sprake. Maar volgens veel critici was het wel het begin van het einde. Lucas had immers een klassieke verhaalstructuur omgetoverd tot goedkoop entertainment. Een trend die later eerder regel dan uitzondering zou worden. Toen Lucas met zijn marketingmachine ook op elk denkbaar vlak zijn ruimte-epos begon uit te melken werd hij voor velen de grote boeman in de filmwereld. Maar velen vergeten dat Lucas, mede dankzij het succes van zijn Star Wars films, de filmwereld ook geholpen heeft. Hij ligt bijvoorbeeld aan de basis van het THX geluidslabel waardoor de akoestiek in heel wat filmzalen er sterk op vooruit is gegaan, en heel wat films maken dankbaar gebruik van de hypermoderne Skywalker Sound studio's om het geluid te mixen. En dankzij zijn effectenfirma Industrial Light and Magic is bijna niets nog onmogelijk, al moeten nog heel wat filmmakers leren dat de effecten in dienst moeten staan van het verhaal, en niet omgekeerd.


Ironisch gezien wou oorspronkelijk niemand het veel te uitgebreide ruimteverhaal van George Lucas verfilmen. Tot Fox toehapte. Maar om het geheel verfilmbaar te maken moest Lucas een schaar in zijn verhaal zetten. Met mogelijke sequels in gedachten besloot hij dan maar het middendeel van zijn verhaal uit te werken, en daarvan het eerste deel te verfilmen. Deel vier van de vooropgestelde negen dus. Althans volgende de legende, want volgens sommigen is er van de laatste trilogie, delen zeven tot negen, nooit echt sprake geweest; was het enkel een leuke hersenspinsel geweest: zou het niet leuk zijn om... Nadat Lucas delen vijf (The Empire Strikes Back) en zes (Return of the Jedi) op zijn volgelingen had losgelaten bleef het verdacht stil uit het Lucas kamp. Nu en dan kwam de Star Wars god nog even naar buiten met een project (onder andere het geflopte Howard The Duck en een tweede en derde Indiana Jones film), maar na enkele jaren algemene Star Wars stilte leek de inspiratie en geldkoe uitgemolken. Tot plots opnieuw enkele pockets verschenen en de interesse in de franchise terug werd aangewakkerd.

Het was algemeen geweten dat Lucas nooit echt tevreden was met wat hij uiteindelijk naar het grote scherm had kunnen brengen. Daarvoor schoten zijn financiële en vooral ook technische middelen in die tijd te kort. ILM had met The Abyss en Terminator 2 echter bewezen dat computers in de nabije toekomst wel eens een heel grote rol in de filmwereld zouden gaan spelen en Lucas, nooit bang om de techniek een duwtje in de rug te geven, maakte daar dankbaar gebruik van en begon naarstig te experimenten. Hij wilde immer meer dan zomaar wat leuke computergegenereerde beelden. Hij wilde immers de manier van filmmaken revolutioneren. In Radioland Murders (ook al geflopt) en vooral The Young Indiana Jones Chronicles legde hij de basis voor een nieuwe manier van filmmaken die goedkoper moest zijn, vlotter moest werken en hem de mogelijkheid moest geven om na het filmen nog in te grijpen in het beeldmateriaal. Om voor eenwig en altijd van zijn frustraties af te zijn besloot hij om de drie oorspronkelijke films digitaal op te poetsen en hier en daar iets aan te passen, om ze daarna verspreid over enkele weken terug op het grote scherm los te laten. Al zal hij dat ongetwijfeld ook gedaan hebben om de hype op te drijven en wat geld in het laadje te krijgen. Hij was klaar om zijn fans te geven wat ze wilden: de prequels.


Toen Lucas, samen met zijn Chronicles producent Rick McCallum, aankondigde dat de drie langverwachtte films in aantocht waren kon de vreugde van de vele fans niet op. Want uiteindelijk hadden ze er jaren op zitten wachten. En wisten ze zo ongeveer wat er hen te wachten stond. Wie zich immers ook maar even verdiepte in de Star Wars wereld wist waar de belangrijkste personages vandaan kwamen. Zij wisten dat Anakin Skywalker ooit tot Darth Vader zou uitgroeien en wisten ook waarom hij verscholen achter een masker door het leven moest. En ze wisten dat er ooit oorlogen met klonen waren geweest: The Clone Wars. Groot was de verbazing echter toen de naam van de eerste prequel, Episode I, werd bekend gemaakt: The Phantom Menace. Geen epische titel maar, volgens Lucas zelf, een titel die terug doet denken aan de goedkope series die vroeger 's zaterdags op tv te zien waren. Zoals de originele Flash Gorden. Even leek de knappe poster met de jonge Anakin Skywalker en diens Darth Vader schaduw vergeten. Terwijl iedereen zich boog over de titel probeerde Lucas zijn film voor het vastgestelde budget (115 miljoen) op tijd klaar te krijgen. Aan een hoog tempo filmde hij op diverse locaties over heel de wereld en zonderde zich daarna op in de montagekamer. Lucas is nu niet bepaald goed in de omgang met acteurs en de montage-kamer, in combinatie met het effectenwerk van ILM, is voor hem daarom ideaal om na de feiten zijn verhaal nog bij te werken. Daar waar nodig werden acteerprestaties bijgewerkt of werden beelden uit verschillende takes samengenomen en gecombineerd tot één virtuele opname. Bij ILM waren intussen maar liefst drie effectenteams bezig met de bijna 2000 speciale effecten die nodig waren. Enkel een handvol shots gingen effectenloos de grote scherm op. Miniaturen werden gecombineerd met gedeeltelijk gebouwde sets, en meerdere intergalactische wezens werden volledig in de computer gecreërd of hier en daar met de traditionele rubberen maskers tot leven gebracht. Jar Jar bijvoorbeeld bestaat enkel in de computer, alhoewel op de set Ahmed Best in zijn Jar Jar pak het klankbord moest vormen voor de acteurs. Volgens Lucas zou Jar Jar het eerste virtuele personage in een film zijn die een hoofrol speelt, en niet van echt te onderscheiden. Voor veel kijkers zou Jar Jar echter enkel een reden tot ergernis zijn. Achter de schermen van ILM werden technologische doorbraken geforceerd om de visie van Lucas naar het grote scherm te brengen. Speciale software werd geschreven om de beweging van digitale kleren te simuleren, om grote groepen wezens te laten vechten en om de indrukwekkende podrace tot een goed einde te brengen. Maar het hoefde niet altijd hoogtechnologisch te zijn. Voor een waterval bijvoorbeeld werd gewoon zout gebruikt, en op bepaalde ogenblikken zijn de toeschouwers in het race-stadium enkel maar gekleurde oorstaafjes. De illusionisten van ILM hadden ook tijd om hier en daar een grap in de film te smokkelen (al dan niet met de goedkeuring van Lucas). Zo zijn er een aantal E.T.'s te zien in één van de scènes in de senaat. Een knipoog naar vriend Spielberg.


Intussen bereikte de hype ongekende hoogtes. Mensen begonnen een maand voor de opening van de film (19 mei 1999) te kamperen voor één van de legendarische cinemazalen in Los Angeles, terwijl de eerste stukken speelgoed in de winkels kwamen te liggen. Iedere Star Wars liefhebber was immers jaloers op de op internet verspreide verhalen van mensen die één van de eerste vertoningen van de originele films in 1977 hadden gezien, en waren dan ook van plan om wel deel uit te maken van de Star Wars geschiedenis. Zelf had ik het geluk dat ik een verlof bij een vriend in Vancouver (Canada) kon combineren met de opening van Episode I. Uren op voorhand werd heel gedisciplineerd aangeschoven in meerdere rijen voor de voorstellingen die om middernacht begonnen, en daarna een tijdlang 24 uur per dag zouden voortduren. Geen geruzie, geen gezeur, maar vooral veel Star Wars. Mensen die verkleed vijf uur stonden te wachten tot het grote moment daar was, jongeren (en eerlijk gezegd ook heel wat ouderen) die met light sabers stonden te oefenen, of die hun parate kennis testten met de Star Wars versie van Trivial Pursuit. Vreemd genoeg waren de beste ogenblikken van die avond niet te zien in de film zelf, maar enkele seconden daarvoor, toen het LucasFilm logo verscheen, iedereen luidskeels begon te juichen en je je opeens weer een kleine jongen voelde. Met kriebels in de buik, wetend dat het wachten ten einde was, dat je heel even een droom had waargemaakt. En daarna ging het bergaf. Toen de finale beelden aan onze vermoeide ogen voorbij trokken kon er nog amper een zwak applaus vanaf. Het was in de uren en dagen nadien dat iedereen begon toe te geven dat The Phantom Menace verre van een goede film was. Dat het verward en kinderachtig was. Dat de film misschien inderdaad bedoeld was voor kinderen. Want alleen zij zouden Jar Jar amusant vinden. Voor de rest van de wereld was het eerder een ronduit ergerlijk karakter. Ook de jonge Jake Lloyd werd in diezelfde categorie geduwd, terwijl men van rastalenten als Ewan McGregor, Natalie Portman en Liam Neeson afvroeg waarom ze hun dialogen zo emotieloos afratelden.


Uiteindelijk werd Episode I niettegenstaande de soms wel bikkelharde en in vitriool doordrenkte besprekingen een enorm succes, al bleef de onwaarschijnlijke recordopbrengst van Titanic veilig uit het bereik. Intussen zijn we twee jaar verder en is de geruchten- en publiciteitsmolen al weer volop aan het draaien voor Episode II. Een nieuwe, iets oudere Darth Vader werd gevonden voor de romantische episode. Meteen beweren kwatongen dat Hayden Christensen net als in de film tijdens de opnames een oogje heeft laten vallen op Natalie Portman, Queen Amidala. Toen George Lucas aankondigde dat hij voor het tweede deel volledig digitaal ging filmen stond de filmwereld heel even in rep en roer, want tot dan toe waren heel wat traditionele filmmakers overtuigd dat digitale video nog in geen lichtjaren de filmische kwaliteiten van pelicule konden benaderen. Ook de titel zorgde (nog maar eens) voor heel wat beroering. Terwijl zowat iedereen gehoopt had dat Lucas The Clone Wars zou gebruiken kwam hij aandraven met het goedkoop klinkende Attack of the Clones. Maar deze keer liggen we er al lang niet meer wakker van. Al zal het op 22 mei 2002 misschien toch wel weer even kriebelen in de buik. En dan is het wachten tot 2005, en daarna op de ultieme Star Wars DVD box.
(Copyright "movie, de interactieve filmgids" TM. Met toestemming van de auteur gepubliceerd op DVD Info. Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder uitdrukkelijke toestemming van de auteur.)